Mag een minister fouten maken?

Vorige week stapte de minister van Veiligheid en Justitie op. De oppositie had geen vertrouwen meer in Ard van der Steur.

‘Ik heb alle vragen in dit debat beantwoord. Ik hecht eraan verantwoording af te leggen aan uw Kamer. Maar ik zie, ik merk en ik voel dat mijn antwoorden er niet toe doen. Want velen hebben het politieke oordeel allang geveld. Ik heb de vragen naar eer en geweten beantwoord. Dat was voor mij minder moeilijk dan u misschien denkt, want ik heb me de afgelopen anderhalf jaar met hart en ziel ingezet voor de versterking van onze rechtsstaat.’ Met deze woorden kondigde Ard van der Steur geëmotioneerd zijn vertrek aan. De minister van Veiligheid en Justitie had net een lang debat achter de rug over de Teevendeal, een geheime schikking die het Openbaar Ministerie in de periode 2001-2002 met een drugshandelaar trof.

Vertrouwen

Volgens de oppositie had de minister de Tweede Kamer verkeerd ingelicht over zijn rol als Tweede Kamerlid bij het dossier over de Teevendeal. Van der Steur zou informatie hebben achtergehouden. ‘Dat is ernstig, omdat het kabinet de verantwoordelijkheid heeft om de Kamer naar waarheid en in volledigheid te informeren. Kamerleden hebben de plicht het kabinet daarop te controleren’, legde Gert-Jan Segers van de ChristenUnie voor het debat uit aan RTL Nieuws. Tijdens het debat maakte SP-leider Emile Roemer minister van der Steur een groot verwijt: ‘Het vertrouwen is beschadigd. Aan liegende politici heeft de bevolking geen behoefte.’ In het debat noemde GroenLinks-leider Jesse Klaver de democratie de grote verliezer. ‘Het vertrouwen van de burger staat op het spel’, aldus Klaver.

VVD

Uiteindelijk besloot Van der Steur zelf om af te treden. De oppositiepartijen noemde het vertrek van de minister onvermijdelijk. ‘Vervelend voor hem als persoon, maar politiek gezien het enige juiste besluit wat hij kon nemen. Het siert hem dat hij zich heeft verdedigd’, liet Geert Wilders na afloop aan de NOS weten. Voor de VVD komt het vertrek kort voor de Tweede Kamerverkiezingen op een vervelend moment. Premier Rutte mag Van der Steur wel dankbaar zijn dat hij zelf opstapte, concludeert Vrij Nederland. ‘Als Rutte zijn minister had gedumpt zou hij tot aan de verkiezingsdag met het verwijt zijn bestookt dat hij een hardvochtige egoïst was die over lijken ging om zijn eigen hachje te redden. Zou hij Van der Steur de hand boven het hoofd hebben gehouden, dan was de kritiek geweest dat hij een watje was die geen orde op zaken kon stellen en aan schandalige vriendjespolitiek deed’, aldus Vrij Nederland.

Geplaatst in Parlementaire democratie

Categorieën